Ingrediënten voor 4 perso(o)n(en)

  • 800 gram spruitjes
  • 1 kilo kruimige aardappelen
  • 4 varkensfilets
  • 2 eetlepels vloeibaar bakken en braden
  • 2 Friese droge knipworstjes
  • 1 eetlepel Groninger mosterd
  • Scheutje melk
  • Klontje boter
  • Peper, zout en geraspte nootmuskaat

Bereidingswijze

  • Dep de varkensfilet lapjes droog met keukenpapier. Strooi er peper en zout op.
  • Verhit 2 eetlepels vloeibaar bakken en braden in de koekenpan. Braad de filetlapjes 2 minuten goudbruin aan beide zijden en haal ze uit de koekenpan.
  • Blus de boter af met een ½ kopje water. Houd de filetlapjes warm.
  • Schil de aardappels en kook ze met een beetje zout in 20 minuten gaar. Daarna afgieten en droogstomen.
  • Maak de spruitjes schoon en halveer grote exemplaren. Doe ze in de keukenmachine en draai de spruitjes fijn gedurende 3 seconden.
  • Snij de Friese droge worst in dunne plakken en bak ze uit met een klein klontje boter. Schep de plakjes uit de koekenpan en laat ze uitlekken op keukenpapier. Bewaar het bakvet.
  • Verhit het bewaarde bakvet en roerbak de gemalen spruitjes in de pan.
  • Stamp de aardappelen tot een puree. Voeg wat melk toe om het smeuïger te maken. Breng het op smaak met mosterd, zout, peper en nootmuskaat.
    Roer de spruitjes en de droge worst erdoor.
  • Leg de varkensfiletlapjes bovenop de stamppot en maak een kuiltje jus.